Kerk, tempel, ashram

24 nov

Pondicherry! Hoe anders is dit stadje dan het rustige, serene en stille Auroville! Zodra we met de bus de stad in rijden voel je de sfeer veranderen. De drukte en chaos is even wennen maar al snel manoeuvreer ik me tussen de mensen en koeien door alsof ik er al jaren rondloop! Ik negeer met een stuurse blik de tientallen kleine bedelaartjes die met puppyogen hun hand op houden en probeer niet te kijken naar de leprozen die met grote gapende gaten in hun vlees aan de rand van de weg zitten. Ik begin te leren dat je hier maar het beste je verstand op nul kan zetten en je blik op oneindig zodat een niet honderden bedelaars, zwendelaars en leprozen op je af zwermen. Dat zou mijn arme hart niet aan kunnen.
Vandaag is Pondi voor ons de plek voor het bezoeken van drie heilige plaatsen. De Ashram van Sri Aurobindo, een tempel gewijd aan Ganesha en een kerk gewijd aan Maria Magdalena.
We beginnen met een lunch in de eetzaal van de Ashram. Voor 20 roepies (0,23 eurocent) serveren ze daar rijst, curry, yoghurt met suiker en banaan en een plak brood. Het is een simpele maaltijd die we in stilte nuttigen maar het is voedzaam en de vredige uitstraling op de gezichten van (veelal grote gezinnen van arme) Indiërs om ons heen maakt gelukkig.
Na deze inspirerende lunch wringen we ons door de grote menigte van mensen, auto’s, riksja’s, brommers, honden en koeien en lopen we naar de promenade langs de Bengaalse baai. In de brandende zon hebben we een prachtig uitzicht op grote blauwe golven. Op de promenade staan karretjes vol met kokosnoten, ananassen, watermeloenen en ijsjes en hier en daar worden namen van toeristen in zeldzame schelpen geslepen. Ik wijs een trommelverkoper af en loop met een boog om een kraampje vol koraal heen. Achter deze chaos vind ik het reusachtige standbeeld van Ghandi. Deze wordt maar met weinig respect behandeld. Lokale jongeren roken sigaretten op Ghandi’s linker voet, kleine jongetjes zijn bezig op zijn arm te klimmen en een stel toeristen maken op de een of andere manier foto’s van de achterkant in plaats van de voorkant.
Ik maak snel mijn eigen foto’s en vlucht dan samen met de anderen naar een koffietentje met een prachtige Lotusvijver aan de voorkant en heerlijke chocolade-ijskoffie op de menukaart.
Na deze welkome versnapering gaan we op zoek naar de kerk, die niet zo makkelijk te vinden blijkt als we dachten maar zich na lang lopen uiteindelijk recht voor onze neus bevond. Een reusachtig gevaarte, opgebouwd uit wit kalksteen met gouden versieringen en een groot, gouden standbeeld van Jezus op de oprit. De binnenkant wordt gerenoveerd maar is en blijft kitcherig, met een felverlicht beeld van een droevig kijkende Marie en en kindje Jezus en grote, bontgekleurde schilderingen aan de wand. Compleet het tegenovergestelde van de sobere, donkere kerken die we in Europa kennen.
Na deze kerk liepen we verder naar de Ashram. Een plek gericht op yoga en meditatie om men dichter bij het goddelijke te brengen. Ik volg de meute en neem plaats naast een foto van De Moeder en Sri Aurobindo (de oprichters van de Ashram en Auroville) voor meditatie. Dit keer lukt het me beter om mijn hoofd te ontdoen van chaos en tenminste een half uur zit ik in stilte. Tot mijn voet begint te slapen.
Na wat rondgelopen te hebben, wat boeken met wijsheden te hebben bekeken en onze slippers weer opgehaald te hebben zijn we door gegaan naar de laatste trekpleister van de dag, een tempel gewijd aan Ganesha met een levende olifant die zegeningen geeft aan iedereen die hem een muntstuk of banaan toestopt.
Hoewel het dier is opgegroeid in gevangenschap vind ik het toch zielig. Opgedirkt met zilveren enkelbanden, bloemenkransen en schilderingen op zijn slurf en oren staat het dier in nauwe steeg waar mensen (vooral toeristen) dringen om zich te laten zegenen en foto’s te maken. Zo geconditioneerd dat hij de muntstukken direct aan zijn baas doorgeeft vraag ik me af of hij gelukkig is. Ik verbeeld me dat zijn ogen bedroefdheid uitstralen.
Na dit tafereel betreden we de tempel, waar het gigantisch druk is. Er vind een Puja plaats. Een zegening door de priesters van de Ganesh Tempel, compleet met offers, muziek en heel veel gedrang.
Ik krijg nauwelijks de tijd om de kleurrijke schilderingen op de muren en het plafond te bekijken want ik wordt meegetrokken langs Ganeshbeelden waar ik word gezegend met rook en een grijze en rode stip op mijn voorhoofd. Mijn Indiase vriendin probeert me ondertussen uit te leggen wat Puja doen inhoudt en waar de god met de olifantenhoofd voor staat.
Bij de uitgang krijg ik nog snel een zegening van de allerhoogste priester en vol met stippen loop ik naar buiten.
En zo eindigde een dag die in het teken stond van verschillende uitingen van geloof. Inspirerend en voeding voor mijn eigen zoektocht naar het spirituele.
We nemen een riksja terug en stoppen bij de Parantha-man voor ons avondeten. Eenmaal in het hostel krijg ik tijdens het eten nog even de schrik van mijn leven en leer ik dat eten met mijn voeten op tafel niet echt makkelijk gaat. Maar het moest, een kleine zwarte Schorpioen besloot namelijk dat onze tafel een fijne plek was om onder te schuilen.
India; 2, Alex; 0. Ik zie dit soort dieren toch liever achter glas!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: