Stijgen en landen (deel 2)

8 nov

Ik kijk vanaf het dak uit over de groene boomtoppen die het hostel omringen. De zon is een felrode cirkel die steeds verder weg zakt in de lage bewolking. Er zingt een volgen en ergens verderop schreeuwt een pauw om zijn vrouwtje. Een zacht en koel windje blaast haren in mijn gezicht en heel even sluit ik mijn ogen. 
Het begint te schemeren. De koplampen van brommers werpen gekke schaduwen op de bomen en ik zie een vleermuis langs de watertank schieten. In de verschillende huizen om mij heen gaan lampen een voor een aan en krekels beginnen te tjirpen. Het is vredig, alsof deze drukke wereld eindelijk even de pauzeknop heeft ingedrukt. 

Nu ik eindelijk een beetje aan het landen ben in de chaos dringt het pas echt tot me door. Ik ben in India. Het land waar ik zoveel over gehoord heb, zoveel naar uit gekeken heb en zelfs in mijn dromen al zo’n beetje woonde. 

Ik wil niet zeggen dat het tegen valt, het is een prachtig land, met mooie natuur, vriendelijke mensen ( als je de juiste treft!) en een enorm kleurrijke cultuur. Maar er knaagt toch iets. Na een week voel ik me nog steeds niet helemaal op mijn gemak tussen de mensen die ik niet versta, op mijn houten plankje met kussen dat ik een bed moet noemen en steeds maar weer dat staren naar mijn witte huid.  Sinds twee dagen voelt het echt alsof er een steen in mijn maag ligt, waardoor ik steeds meer heimwee krijg naar mijn eigen, koude kikkerlandje, de regelmaat en de rust en vooral alle mensen die me lief zijn. 
Kan het zijn dat de cultuurschock bij mij in een razend tempo door de fases heen gaat? 

De afgelopen week was een wervelstorm van informatie, gebeurtenissen en mensen die op me af kwam. Na een dag van veel ‘eerste-keren’ startte ook zaterdag met iets nieuws. Diwali! Een groot festival dat draait om lichtjes en het aanbidden van de goden en wat je qua grootheid een beetje kan vergelijken met Sinterklaas en kerst bij ons in Nederland. 
Ik was uitgenodigd om te komen lunchen bij de organisatie van Cleo, een studiegenote en zo gezegd, zo gedaan. 
Het huis was vol met mensen, de grond lag vol met kussens en in de keuken stonden vrouwen in prachtige sari’s iets te bakken. 
En toen volgde er nog zo’n eerste keer. Eten op de grond, met een palmblad als bord en je rechterhand als bestek. Het eten was heerlijk, witte jasmijnrijst, bonensalade, tonijnsalade met pasta, allu gobi ( aardappelen met bloemkool) en nog een aantal dingen die ik niet kende. Ik heb lopen smullen tot ik propvol zat en zelfs toen bleven ze nog bij scheppen. Dat is het leuke met de mensen hier, ze delen alles, ook al hebben ze zelf helemaal niet zoveel. 
Na deze lunch ben ik terug naar het hostel gegaan, waar ik in een diepe voedselcoma heb gelegen tot het een uur of zes was en het donker werd. Ik schrok wakker van de schelle stemmen van de vrouwen die het hostel runnen en toen ik mijn hoofd om de deur stak werd ik gevraagd of ik mee wilde doen aan de traditionele Diwali viering, het versieren van het huis met lichtjes en het afsteken van vuurwerk terwijl je allerlei zoetigheid te eten krijgt. Daar zei ik natuurlijk geen nee tegen! 
Natuurlijk hield ik het alleen bij sterretjes, want ander vuurwerk vind ik doodeng maar het was gezellig! Na deze viering ben ik op uitnodiging mee gegaan met een groepje Indiërs naar een feestje even verderop aan het strand en zo eindigde mijn tweede dag onder de sterren met het geluid van de golven. 

De volgende dag begon het echte leven hier. Onder een koude douche begon ik me te realiseren dat ik vandaag echt aan de slag zou moeten en de zenuwen waren in een klap terug. Hoe zou het zijn? Zouden ze aardig zijn? Zouden ze me accepteren? Wat als ik het niet leuk zou vinden? 
Eenmaal bij het kantoor aangekomen kwam een nieuwe wervelwind aan informatie, gebeurtenissen en mensen die zich aan me voorstelde.  Veel te vroeg aanwezig keek ik toe hoe de vrouwen het naastgelegen WELLcafe klaar maakte voor een nieuwe dag. Ik kreeg koffie, en nog een, en nog een. Pas een half uur later kwamen er eindelijk mensen die me herkende als hun nieuwe stagiaire. Ik startte met het bijwonen van een meeting, waarbij ik kennis kon maken met een klein aantal van de vrouwen en discussies over het wel en wee van de organisatie. Hier werd al snel duidelijk wat een fijne organisatie WELL is. Ze zijn inspirerend, gebruiken veel van de methodes die ik geleerd heb tijdens de minor, en zijn bovenal heel open en flexibel. 
Omdat het heel hard regende, waardoor de wegen in een grote modderpoel veranderden en ik nog steeds niet zelfverzekerd op mijn scootertje ben besloot ik die dag op kantoor te blijven. Gewoon wat kennis maken met de dames hier en rond surfen op het internet naar geschikte informatie. Aan het einde van de dag stapte ik met een groot aantal bladzijdes volgeschreven weer op mijn scootertje richting Mitra. 

Dinsdag verliep anders. De wegen waren opgedroogd en in slakkegangetje ging ik richting de werkplaats. In de verte hoorde ik al het gepraat en gezang van vrouwen en hoe dichterbij ik kwam hoe vrolijker het klonk. 
De verschillende units hier werken allemaal bij elkaar in een groot gebouw zonder ramen. Ze weven, schilderen, zingen en praten en toen ik werd voorgesteld vroegen ze gelijk naar mijn naam, afkomst, ouders, broers, zussen en man. Enigszins overrompeld heb ik ze met handen en voeten geprobeerd uit te leggen hoe of wat en toen werd ik met een brede glimlach uitgenodigd om te gaan zitten.  
En zo verlopen ook de rest van de dagen. Ik rijd met iemand mee naar de werkplaats, wordt ontvangen met een luid ‘hallo’ en met handen en voeten praten we zo goed en zo kwaad als het gaat met elkaar, zij nieuwsgierig naar mijn wereld, ik naar die van hun. 

Het donker valt als een dikke deken over Auroville. De geluiden van overdag maken plaats voor die van de nacht. Geritsel, gekraak. Een korte regenbui stort zich uit over mijn hoofd en ik besluit naar beneden te gaan, naar de pattio. In gezelschap van de hond verlaat ik het dak. Ik hoor vrolijke stemmen die mijn naam roepen en als ik de laatste trede afstap voel ik een warme arm om me heen. Ik kijk in het lachende gezicht van mijn nieuwe vriendin en voel hoe de steen in mijn maag langzaam begint op te lossen. 

Advertenties

4 Reacties to “Stijgen en landen (deel 2)”

  1. Lieke Prins 8 november 2013 bij 9:11 AM #

    Hi Alex,

    Wilde even zeggen dat je heel mooi schrijft, mooi om te lezen over je belevingen daar. Ik hoop dat het chaotische leven, de mensen en de taal steeds meer een beetje wennen en dat je het nog meer gaat waarderen. Heel veel plezier op je mooie reis!

    Xx Lieke (minor ;))

  2. Els 8 november 2013 bij 9:27 AM #

    Mooi, dank je wel Alex!

  3. cindy 20 juli 2014 bij 11:39 AM #

    Heyhey.wat een prachtige stukken in het bijzonder dat over de vliegtuig ramp. Ik heb een nichtje van 2 met een neuroblastoom http://www.sophiewilleven.nl zou je daar een stuk over kunnen schrijven als ik je meer info geef via de mail?

    • sunshinemaniac 20 juli 2014 bij 2:17 PM #

      Hey Cindy,

      Wat ontzettend naar voor je nichtje!
      Ik kan me niet voorstellen hoe het is om je jonge leventje al met allerlei behandelingen en ziekenhuisbezoeken te moeten doorgaan. En hoe dat voor haar ouders en familie moet zijn.

      Helaas moet ik je verzoek toch vriendelijk afwijzen.
      Ik voel me natuurlijk vereerd dat je mijn schrijven zo mooi vindt maar nu op mijn blog iets voor je nichtje schrijven zou voor mijn gevoel misbruik maken van de situatie zijn.

      Voordat ik een blog over de vliegramp boven Ukraine schreef was deze website eentje uit duizenden, onherkenbaar en eigenlijk alleen bezocht door familie en vrienden.
      Nu ineens ontploft het bijna van het aantal bezoekers, likes en reacties. Iets wat ik zelf ook niet had verwacht.
      Je hoopt natuurlijk dat wanneer ik iets op mijn nu zo goed bezochte weblog plaats over je nichtje en jullie stichting (wat ik overigens wel super tof vind, met elkaar kunnen we veel meer voor elkaar krijgen dan alleen, zo blijkt maar weer uit wat ik lees op jullie website)
      er meer aandacht komt voor jullie stichting en de ziekte van Sophie. Dat snap ik helemaal! Ik zou misschien wel hetzelfde gevraagd hebben.
      Maar voor mij voelt het niet prettig om dat op dit moment te doen, gezien de omstandigheden.

      Uiteraard wil ik je vraag best op een later moment nog eens in overweging nemen, ik vind dat een meisje zoals Sophie en haar ziekte zeker alle aandacht verdient die ze kan krijgen en ik schrijf met liefde iets om hier aan bij te dragen. Maar op dit moment dus liever niet!

      Ik wens jullie heel veel sterkte tijdens de behandeling van Sophie en hoop van harte dat de behandeling in Amerika door kan gaan en haar weer beter maakt.

      Groet,
      Alexandra

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: